Vijf ijshockeylanden — Finland, Zweden, Noorwegen, Denemarken en Letland — weigeren tegen Rusland te spelen op het wereldkampioenschap van 2027 in Duitsland, nadat het internationale sporttribunaal CAS Rusland weer toeliet tot internationale toernooien.

De vijf landen maakten hun standpunt bekend op 3 november 2026, twee dagen nadat het CAS op vrijdag 30 oktober 2026 oordeelde dat de internationale ijshockeybond IIHF Rusland opnieuw moest toelaten. Regerend wereldkampioen Finland en Noorwegen lieten als eersten weten niet tegen Rusland te zullen spelen, waarna Zweden en Denemarken volgden; ook Letland maakt deel uit van de groep. De beslissing is volgens de bonden genomen met het oog op de veiligheid van spelers en fans. Het WK staat gepland voor mei 2027 in Duitsland.

De kwestie past in een bredere poging van Rusland om via de juridische weg terug te keren in de internationale sport. Volgens NRC is de uitspraak in het ijshockey een belangrijke overwinning voor Rusland, dat in steeds meer sporten een terugkeer afdwingt via rechtbanken; de vraag is nu of ook atletiek en biatlon volgen.

Canada neemt een afzonderlijk standpunt in. Premier Mark Carney zei op 3 november 2026 tegen verslaggevers dat Canada niet van plan is Russische spelers toe te laten tot het WK ijshockey voor junioren, dat volgende maand in de Canadese provincie Alberta begint, ondanks de uitspraak van het sporttribunaal.