De 75-jarige Raoul Verstraeten bezocht de voorbije veertig jaar 51 begraafplaatsen in het buitenland. Zijn hobby begon bij het graf van zangeres Edith Piaf op de Parijse begraafplaats Père-Lachaise.

Daarmee wijkt hij af van de manier waarop de meeste mensen Allerheiligen op 1 november beleven, wanneer kerkhoven volstromen met bezoekers die hun dierbaren komen herdenken. Verstraeten trekt het hele jaar door naar het buitenland om er graven te bezoeken en verzamelde zo in vier decennia 51 buitenlandse kerkhoven.

Op de vraag wat hem het meest heeft geraakt, noemt hij het graf van balletdanser Rudolf Nureyev, zonder twijfel het mooiste dat hij zag. Volgens Verstraeten draait het vooral om de reis zelf: bij elke trip gaat het gezelschap op ontdekking.

“Het allermooiste? Ongetwijfeld het graf van balletdanser Roedolf Noerejev.”

Père-Lachaise, waar Piaf begraven ligt, vormde het startpunt van die belangstelling en blijft het ijkpunt waarmee hij zijn latere bezoeken vergelijkt.