Nieuw onderzoek suggereert dat De Sterrennacht van Vincent van Gogh een echte ochtendhemel weergeeft en niet louter uit de verbeelding van de schilder is ontstaan. De hemellichamen op het doek zouden overeenkomen met de lucht die Van Gogh rond 22 juli 1889 kon zien.

Het werk, een van de meest herkenbare schilderijen uit de westerse kunst, werd lang beschouwd als een product van Van Goghs fantasie. Volgens de nieuwe analyse komt de positie van de sterren en andere hemellichamen overeen met een werkelijke hemel bij zonsopgang. Dat zou betekenen dat het schilderij ongeveer een maand later is gemaakt dan de datum die gewoonlijk voor het werk wordt genoemd.

De bevindingen komen van een team van Zuid-Koreaanse onderzoekers. Zij vergeleken de stand van de hemellichamen in het schilderij met een astronomische reconstructie van de hemel en besluiten dat het tafereel het best past bij een echte ochtendhemel uit half juli 1889. De datum van omstreeks 22 juli 1889 wordt daarbij gepresenteerd als de beste match, niet als een zekerheid.

De suggestie blijft een hypothese over wat het schilderij toont, geen definitief antwoord op de vraag hoe het tot stand kwam. Aan de status van De Sterrennacht, door Van Gogh geschilderd in 1889 en een van de bekendste werken uit de kunstgeschiedenis, verandert dat niets.