Prent uit het boek ‘Wij beren’, geschreven door Lotte Stegeman en geïllustreerd door Marieke ten Berge.Ooit was Lotte Stegeman bang voor beren, maar die angst sloeg om in bewondering. Nu wint haar kinderboek Wij beren de allereerste Groene Griffel.Dit artikel is geschreven doorRobin GoudsmitGepubliceerd op 17 juni 2026, 18:14Leestijd 3 minBij het kleinste huisje aan een groene laan in Hilversum doet Lotte Stegeman (46) open.

Boven is haar werkkamer: een lichte ruimte vol berenbeeldjes, foto’s van beren en boeken over beren. In een vitrinekast staat een replica van de schedel van een brilbeer en aan een ketting om Stegemans hals hangt ook een beer: een witte. “Maar het is geen ijsbeer, die hebben een ander postuur.”Stegeman schreef al meer succesvolle kinderboeken over dieren, maar haar nieuwste boek Wij beren won woensdag de allereerste Groene Griffel, een nieuwe prijs voor kinderliteratuur over natuur en natuurbehoud.

In het boek stelt de bruine beer zichzelf én andere berensoorten voor, om zo ‘het echte verhaal’ over beren te vertellen.De beren helpen samen een aantal misverstanden uit de wereld. Dat de lippenbeer een soort luiaard zou zijn, bijvoorbeeld. Of dat een beer die rechtop staat, gaat aanvallen.

Stegeman: “Dat doen ze gewoon om iets beter te kunnen zien.” Marieke ten Berge, die ook onderzoek doet naar ijsberen op Spitsbergen, maakte de illustraties voor het boek.Hoe begon uw fascinatie voor beren?“Als kind was ik bang voor poppen, ik had veel liever knuffelbeesten en teddyberen.

Maar toen ik in 2016 met mijn man een fietstocht maakte van Florida naar Alaska, bleek ik bang voor de beer. Hoe noordelijker we kwamen, hoe meer bordjes er stonden: pas op, beren. Blijf in uw auto. Berg voedsel op.”Schrijver Lotte StegemanBron Auke Florian Hiemstra“Totdat ik er echt eentje tegenkwam.

Hij stond in een berm en stond bloemetjes te eten. Die wuivende vacht, die blik: ik was betoverd.”“Dat was in 2016. Ik dacht: ik wil hierover schrijven, maar ook de tijd nemen om onderzoek te doen.”Hoe zag dat onderzoek eruit?“Ik heb niet alle berensoorten die in het boek voorkomen in het echt gezien.

Ik vond de verre reizen die ik ervoor moest maken niet verantwoord. Wel ben ik terug geweest naar Alaska. Daar is een gebied waar geen menselijke activiteit is: geen wegen, geen gebouwen. Een drietal gidsen doet er onderzoek naar beren en neemt ieder jaar een kleine groep mensen mee.

De kans dat ik werd ingeloot om mee te gaan was ongeveer 1,5 procent.”“De beren daar zien mensen niet als bedreiging, omdat ze ze nooit tegenkomen. Eigenlijk vinden ze je totaal oninteressant. Zó mooi.” Stegeman laat een video zien op haar laptop: een moederbeer loopt op haar gemak met haar jong door een stromende rivier, op een steenworp afstand van de toekijkende mensen.Uw boek behandelt ook de vreselijke dingen die mensen beren aandoen, zoals de berengalfarms. ‘Ik was een levend tankstation’, vertelt de kraagbeer.“Als je non-fictie schrijft, vind ik dat je het hele verhaal moet vertellen.

Of het nou aan volwassenen is of aan kinderen. Maar het is fijn om hoop te kunnen bieden: op steeds meer plekken zijn galfarms verboden.“Ik heb ook lang bij Kidsweek gewerkt, waar we altijd vonden dat je niet het gruwelijkste plaatje hoeft te laten zien om iets duidelijk te maken.

Marieke heeft ook de kooi waarin de kraagbeer zit, iets groter gemaakt dan vaak het geval is.”Dat mensen beren het leven onmogelijk maken, is soms om begrijpelijke redenen. Armoede, of gebrek aan kennis.“Ik heb het bij dit boek willen houden op de verwondering voor de beer en het wegnemen van de vooroordelen.

Dat is mijn missie. Het is absoluut niet mijn bedoeling om mensen waar ook ter wereld in een hoek te zetten. Als ik het over bedreigingen van beren heb, heb ik het daarom gehouden op de mens, in het algemeen.”Illustratie uit het boek ‘Wij beren’ van Lotte Stegeman en Marieke ten Berge.Wat was het verrassendste dat u tegenkwam in uw onderzoek?“Ik sprak een onderzoekster die zich bezighoudt met Aziatische honingberen.

Ze vertelde dat die heel lekker fris ruiken. Zelfs hun drollen ruiken nog lekker.”Lees ookGeselecteerd door de redactie