Vlaams minister van Mobiliteit Annick De Ridder (N-VA) heeft op 10 september 2026 de steun van de coalitie behouden voor de financieringsovereenkomst met de luchthavens van Antwerpen en Oostende, ondanks felle kritiek van de oppositie in het Vlaams Parlement.

Tijdens een debat in de commissie Mobiliteit ontkende De Ridder dat ze de cijfers over de financiering van de luchthavens van Antwerpen (Deurne) en Oostende anders had voorgesteld. Ze hield vol dat er in de toekomst minder overheidsgeld naar de twee Vlaamse luchthavens gaat. Haar uitleg kon de oppositie niet overtuigen: ze kreeg felle kritiek, waarbij volgens VRT ook het woord "leugens" viel.

Coalitiepartners Vooruit en CD&V blijven de financieringsovereenkomst schoorvoetend steunen, tot grote frustratie van alle oppositiepartijen. Privéuitbater Egis zal een fors hogere vergoeding moeten betalen aan de overheid om de luchthavens uit te baten. Voor Deurne moet de uitbater evenwel eigenlijk geen subsidies inleveren.

De luchthaven van Deurne krijgt vijf jaar om te bewijzen dat ze levensvatbaar is, zo blijkt uit de overeenkomst waarop de coalitiepartners zich beroepen. Het debat vond plaats op 10 september 2026 in het Vlaams Parlement.