Acht minderjarigen die waren opgepakt voor vernielingen tijdens de grote betoging in Brussel van 9 oktober 2026, zijn op zondag 11 oktober vrijgelaten omdat er geen plaats was in Franstalige gesloten instellingen voor jongeren.
De vrijlatingen gebeurden tegen de zin van het Brusselse parket, dat de verdachten wilde laten aanhouden. Bij de politie leidde dat tot grote verontwaardiging, met de verzuchting dat de rechtsstaat hen vierkant uitlacht. Tijdens de betoging gingen agenten een menigte in om relschoppers eruit te halen, soms met schrik voor hun eigen veiligheid. Daarna volgden processen-verbaal, camerabeelden en dossiers voor het parket.
Michel Goovaerts, korpschef van Politiezone Brussel Hoofdstad Elsene en leidinggevende tijdens de rellen, zegt dat de afloop hard aankomt.
"Wij doen onze job. Verdorie, de rest moet ook zijn verantwoordelijkheid nemen."
Volgens Goovaerts keert het patroon telkens terug: wanneer de jeugdrechter een plaatsing noodzakelijk vindt, blijkt er plots geen plaats in een jeugdinstelling. Hij omschrijft de toestand als dweilen met de kraan open, en vraagt zich af wat er gebeurt als de politie niet meer dweilt. De acht minderjarigen konden beschikken door het tekort aan plaatsen in de Franstalige gesloten jeugdinstellingen.






